Normale installatie
Lees vooraf steeds de plaatsingsvoorschriften van uw aangekochte laminaat. Deze word bijgeleverd in de verpakking laminaat. 

Acclamatiseren

Zet de ongeopende pakken 48u. in de te leggen ruimte om op kamertemperatuur te komen ideaal is 18-24° en een relatieve luchtvochtigheidsgraad van 55%. Onder deze voorwaarden zal de laminaatvloer het best tot zijn recht komen.

Ondervloer

Plaats steeds een PE-vochtscherm samen met uw ondervloer tenzij u een gecombineerde ondervloer gebruikt. Neem steeds de juiste ondervloer zo vermijd u problemen zoals oa. bij vloerverwarming.

Legrichting                                                                                                                     

Planken bij voorkeur leggen in de lengterichting van de grootste lichtinval, in de lengterichting van de kamer, dwars op houten vloer zodat voegen niet samen vallen.

Het leggen                                                                                                                       

Het is belangrijk dat er langs wanden etc. een uitzettingsvoeg van 10mm. word genomen. Controleer altijd de deuren of deze na het leggen normaal geopend kunnen worden indien nodig deuren afschaven. De productie van laminaatvloer wordt aan een strenge kwaliteitscontrole onderworpen, controleer voor het leggen toch steeds elke plank want eenmaal gelegde planken kunnen nadien moeilijk vervangen worden en geven geen recht op schadevergoeding. Bij ruimte langer dan 8 meter en breder als 6 meter is het aan te bevelen om een bewegingsvoeg aan te leggen.

Voorwaarden bij installatie op vloerverwarming
Laminaat is geschikt voor installatie op vloerverwarming op voorwaarde dat het verwarmingselement vastgelegd is in het beton of een andere ondervloer. Laminaat is niet geschikt voor installatie op een vloerverwarmingsfolie dat op beton of een ander soort ondervloer is gelegd, tenzij anders gespecificeerd door de leverancier van de vloerverwarming. De oppervlaktetemperatuur mag nooit de 28°C overschrijden. 

Leginstructies bij installatie op vloerverwarming
De installatie van een laminaatvloer op een lage temperatuur vloerverwarming is mogelijk op voorwaarde dat een specifieke verwarmingsprocedure (in overeenstemming met DIN 4725 en ongeacht het seizoen) wordt vervolgd voordatmen het vochtscherm én de vloer plaatst. 
Zet de temperatuur van uw vloerverwarmingssysteem op 25 graden en laat deze zo gedurende 3 dagen draaien. Verhoog uw verwarming in stappen van 5 graden tot zijn maximum temperatuur. Laat het gedurende 72 uur continue draaien. 

Verminder de temperatuur in stappen van 10 graden tot een vloeroppervlaktetemperatuur van 18 graden bereikt wordt. Voor, tijdens en minimaal 3 dagen na de installatie moet de oppervlaktetemperatuur behouden worden op 18 graden. En vergeet niet het 0,2 mm dikke vochtscherm te plaatsen! 

Na 3 dagen mag de temperatuur langzaamaan en geleidelijk opgevoerd worden naar de gewenste temperatuur. De oppervlaktetemperatuur van de verwarmde ondervloer mag nimmer de 28 graden overschrijden. Gelieve dit te controleren bij uw dealer en vloerverwarmingsproducent.